Odes aan John Cockerill

Odes aan John Cockerill

John Cockerill (en de rest van zijn familie) joegen België, Nederland, Pruisen en Frankrijk begin 19e eeuw het tijdperk van de industriële revolutie in. In het straatbeeld van Seraing en Brussel duiken nog verschillende beelden op die de 'vader van de arbeiders' eert.

15 september 2021

Delen op Facebook Delen op Twitter

In Seraing staat zijn beeld pontificaal voor het gemeentehuis. Samen met zijn broer Charles James tikte John Cockerill er begin 1817 het prins-bisschoppelijk paleis op de kop met als doel er stoommachines te maken. Na enkele jaren bouwde hij er een eerste hoogoven en werd Seraing een reusachtige ijzerfabriek die het tot begin deze eeuw uitzong.

Het beeld ter ere van John Cockerill werd 31 jaar na zijn overlijden, in 1871, onthuld. Het beeld toont een peinzende Cockerill met achter zich een aambeeld en tandwiel.

Aan de voet van zijn sokkel parkeerde de ontwerper Armand Cattier vier arbeiders in gietijzer. Ook zijn wapenschild met de vijf hanen en zijn motto 'Courage to the Last' ontbreken niet.

Graf

Voor het monument in Seraing ligt sinds 1947 John Cockerills lichaam begraven. Het kerkhof van Glacière, waar hij tachtig jaar begraven lag, werd tijdens de Tweede Wereldoorlog overhoop geblazen door bombardementen waardoor de begraafplaats ontruimd werd.

Cockerill in de Europese wijk

Ook in Brussel kom je een beeltenis van John Cockerill tegen. Een jaar nadat zijn standbeeld in Seraing ontsluierd werd, nam Willem Rau, de hondstrouwe rechterhand van Cockerill, het initiatief om een standbeeld te schenken aan de stad Brussel. Je vindt het op het Luxemburgplein voor het station Brussel-Luxemburg.

De vier figuren aan zijn voeten geven de Europese ambtenaren enkele hints prijs over wie op de sokkel staat: smid Lognoul, mecanicien Beaufort, puddelaar Lejeune en mijnwerker Jacquemin.

Ook hier ontbreken een aambeeld, tandwielen en het onderschrift 'Le père des ouvriers' niet.

Vader Cockerill

John Cockerills ouders en enkele neefjes en nichtjes van hem rusten op het kerkhof van Spa. Nadat zijn vader, William Cockerill, op pensioen ging, verhuisde hij namelijk met zijn vrouw naar Spa. Hij woonde in het huidige gemeentehuis en liet er een mausoleum optrekken dat begin 20e eeuw werd gesloopt.

Sindsdien ligt hij met zijn vrouw en enkele van hun kleinkinderen begraven onder een sobere grafsteen op het kerkhof van Spa.

Delen op Facebook Delen op Twitter

Advertenties

In de kijker

Expo's en events over industrieel erfgoed

Sporen van de Cockerills

#STrOOM: ontdek erfgoed langs Dender en spoor

Kantorencomplex in gashouder Schöneberg

Fietsen en wandelen over oude spoorlijnen via het RAVeL-netwerk

Sporen van het verleden in de "Atlas van Vergeten België"

© 2003-2021 hullabaloo.be