Betonnen schachtbok le Martinet

Boucle Noire

Terrils beklimmen rond Charleroi

Oude terrils beklimmen en industrieel erfgoed verkennen tijdens een 23 kilometer lange wandeltocht door Charleroi: dat kan met 'la Boucle Noire', een aftakking van het mijnwerkerspad GR412.

15 augustus 2020

Delen op Facebook Delen op Twitter

Micheline Dufert en Francis Pource, een koppel muzikanten uit Charleroi, stippelden in 2016 de (bewegwijzerde) route uit naar het zwarte verleden van Charleroi en de groene puinheuvels.

Het resultaat? La Boucle Noire, een stevige wandeltocht van 23 kilometer met enkele pittige klimpartijen. Start aan het station van Charleroi-Zuid. Van daar sta je in een wip aan het jaagpad langs de Samber, misschien wel de meest spectaculaire reep industrieel erfgoed van ons land.

Thy-Marcinelle

Aan de sluis strekken zich de hangars uit van Thy-Marcinelle waar oud ijzer gelost wordt. De staalfabriek gebruikt het voor de productie van stalen walsdraad en staven voor gewapend beton.

Forges de la Providence

Verderop wordt het doods. Aan de aftakking van de Samber naar het kanaal Brussel-Charleroi staan nog drie schoorstenen overeind van de vroegere ertsvoorbereidingsinstallatie van staalfabriek Forges la Providence (ofwel Carsid), de rest is de voorbije jaren afgebroken. Tussen de schoorstenen zien je een bult uitsteken: de Terril Blanchisserie langs de Route de Mons.

Boven je hoofd slingeren nog drie passerelles, ingepakt in roestige golfplaten. Hierlangs werden de ertsen en cokes boven de Samber aangevoerd naar de hoogoven.

Ook aan je linkerkant waan je je eerder in een oorlogsgebied: het 104 hectare groot terrein van de vroegere staalfabriek wordt volledig met de grond gelijk gemaakt.

Tussen het puin houdt alleen hoogoven 4 (HF4) nog zijn rug recht.

 De tachtig meter hoge toren was sinds 1960 het hart van de fabriek maar het vuur werd in november 2008 voorgoed gedoofd.

Ertsfabrieken

Aan de overkant van de Samber krijg je de ertsbewerkingsinstallaties en de koeltoren van de vroegere stroomcentrale in het vizier.

Voorbij de restanten van la Carsid wiebelt een hoge fabrieksmuur vervaarlijk boven het jaagpad.

Erachter schuilt Industeel Belgium, een onderdeel van Arcelor Mittal, dat staalplaten produceert.

Monceau-sur-Sambre

Nadat je de Samber hebt overgestoken, zie je vanop de Quai de Sambre de 221 meter hoge Terril du Hameau uitsteken, de laatste getuige van een verdwenen koolmijn van Monceau-Fontaine.

Je verlaat stilaan de industriële strook langs de Samber en bereikt Monceau-sur-Sambre waar je je kunt bevoorraden.

Het wordt stilaan ook iets groener en idyllischer langs je pad, meer zelfs: in het Nelson Mandela-park kan er zelfs een kasteeltje af: het Château Monceau-sur-Sambre.

Le Martinet

Van daar is het vijf kilometer stappen tot de steenkoolmijn van le Martinet. Je bereikt het via onder meer de oude spoorlijn 112 tussen Marchienne-au-Pont en Fontaine l'Evêque, dat verschillende steenkoolmijnen met elkaar verbond. Nu is het heraangelegd als RAVeL (fiets- en wandelpad).

Steenkoolmijn Le Martinet groeide begin 20e eeuw uit tot een van de grootste mijnbedrijven van Charleroi. Vandaag is het slechts een schim meer van zichzelf. Enkel het (opgeknapte) ophaalgebouw staat er nog en de ruïnes van de labo's en bureaus.

Van de kolenwasserij, brikettenfabriek en schachtbokken: geen spoor meer. De twee terrils van le Martinet, ophopingen van steenafval uit de ondergrondse steenkoolmijnen, zijn wel bewaard gebleven en vormen nu een 52 hectare groot natuurgebied.

Wie even van het pad afwijkt en de 'Rue de la Ferme' westwaarts volgt, krijgt er nog de Terril de la machine du bois en de betonnen schachtbok van le Petit Martinet bovenop.

Vanaf de voet van de terrils kan je een stevig paar wandelschoenen goed gebruiken. De Boucle Noir stuurt je namelijk over de heuvels van le Martinet tot 215 meter boven de zeespiegel.

Kanaalzone

Na je doortocht in le Martinet laat je de mijngebouwen achter je en kruis je het goederenstation van Monceau door een voetgangerstunnel. Zet je weg verder langs het kanaal tussen Brussel en Charleroi dat in 1832 in gebruik genomen werd.

Je komt voorbij de stroomcentrale van Amercoeur voordat je het kanaal oversteekt en de terrilketen tussen Marchienne-Docherie en Dampremy voor je ziet opdoemen.

Terrils

De komende kilometers storten je door een uniek landschap van terrils: groen uitslaande molshopen die je een weids panorama bieden over de vergane industrie langs de Samber.

Vanop de Terril du Bayemont Saint-Charles zie je de betonnen kolenbunker uitsteken van de stilgelegde cokesfabriek tussen de Samber en het kanaal.

Saint-Théodore

De volgende puinhopen komen uit de ondergrondse gangen van steenkoolbedrijf Sacré-Madame. De laatste put, Saint-Théodore, sloot een halve eeuw geleden. Daarmee was het de laatst actieve steenkoolmijn van Dampremy.

Het volledig complex is gesloopt, alleen de beide terrils, Saint Théodore West en Oost, blijven nog over.

Vanop de terrils kan je het slagveld overschouwen van de afbraak van la Providence. Op de voorgrond liggen de lege, zwarte plekken die lang verdwenen industriële complexen hebben achtergelaten.

Op de wandelkaart staat dit hoekje trouwens aangeduid als 'Dirty Corner' gezien de stapels frigo's, banden en vuilzakken die hier opgetast liggen.

Centrum van Charleroi

Aan de tentjes en slaapzakken waarmee de 188 meter hoge Terril des Piges in Dampremy bezaaid is, merk je dat je stilaan weer de bewoonde wereld bereikt.

Na een scherpe afdaling kruip je door een spelonk in een bakstenen muur en sta je van het ene op het andere moment tussen het verkeer. Na net geen kilometer stappen bereik je weer het station van Charleroi-Zuid.

Delen op Facebook Delen op Twitter

Advertenties

In de kijker

Het einde van 100 jaar cementproductie

Tips voor open monumentendagen

Nieuwe hoed voor Tour de la Famenne

Nieuw boek "Atlas van Vergeten België"

Ontvang alle updates in je mailbox: schrijf je in voor de nieuwsbrief

Verlaten plaatsen in IJsland

© 2003-2020 hullabaloo.be